- Leve de strijd van de leerkrachten!
Prinses Elisabeth maakt zich geen zorgen over haar toekomst. Ze is net afgestudeerd aan de prestigieuze Amerikaanse universiteit Harvard en zegt tegen de journalisten: “Veel mensen weten niet welke kant ze opgaan, maar ik weet wel welke weg ik zal inslaan.”
Dit vertrouwen in de toekomst is een voorrecht dat voorbehouden is aan de erfgenamen van titels en fortuinen! Hoe kunnen arbeiders weten “waar ze naartoe gaan” als hun loon nauwelijks voldoende is om de maand door te komen en ze worden bedreigd met het verlies van hun baan!
De leiders van het kapitalisme weten daarentegen heel goed welke toekomst ze ons willen opleggen om hun winsten veilig te stellen: onzekerdere banen, zwaardere arbeidsomstandigheden, lagere lonen, gekorte pensioenen en, in het verschiet, de wereldoorlog waarvoor ze zich vandaag met onze belastinggelden voorbereiden en die ze morgen met ons leven willen voeren!
Deze toekomst is echter geen fataliteit. Ze dient alleen de belangen van een zeer kleine minderheid van superrijken. Maar onder de werkers zijn er velen die onze levens- en arbeidsomstandigheden willen verdedigen. Volgens een enquête van de grote publieke media begrijpt of steunt 70 tot 80 procent van de Belgen de recente stakingen en acties.
Het is namelijk zo dat we, ongeacht de sector, allemaal tegelijkertijd worden aangevallen! Zo komen na de stakingen bij de spoorwegen, bij Bpost, Aldi, Sonaca, Nike in Antwerpen en H&M in Ghlin, nu ook de scholen van het Franstalig onderwijs in actie.
Al meer dan twee weken protesteren leerkrachten, ouders en leerlingen tegen de bezuinigingen en de besparingsmaatregelen van de regering van de Federatie Wallonië-Brussel. Als de ministers hun zin krijgen, zullen de middelen voor de volksscholen drastisch worden ingekrompen en zullen er banen verdwijnen; leraren van het 4e, 5e en 6e middelbaar zullen twee uur per week meer moeten lesgeven voor hetzelfde loon; en het inschrijvingsgeld voor een jaar hoger onderwijs zal stijgen van 835 euro naar bijna 1.200 euro.
En dit is slechts een fractie van de 300 pagina’s tellende verordening waartegen de leerkrachten in opstand zijn gekomen. Ook de kinderopvang en de culturele sector en de verenigingen worden getroffen door bezuinigingen.
Deze aanvallen in het Franstalige deel van het land zijn een echo van wat Vlaanderen al jaren te verduren krijgt. Veel werkers uit de privé en overheidssector in Vlaanderen komen bij elke betoging in Brussel in actie om hiertegen te protesteren!
Zowel in het noorden als in het zuiden, in de privésector als in de overheidssector, zijn de problemen van de werkers overal dezelfde. De gewesten passen slechts hetzelfde bezuinigingsbeleid toe als de federale regering, die op haar beurt slechts het programma van het grootkapitaal uitvoert. En aangezien het grootkapitaal heeft besloten de crisis en de stijging van de militaire uitgaven door de werkers te laten betalen, nemen de aanvallen toe.
Op donderdag 28 mei heeft het federale parlement opnieuw gestemd voor nieuwe beperkingen op de indexering van lonen en pensioenen, evenals voor de verhoging van verschillende belastingen, met name de accijnzen op gas. Het heeft ook de “pensioenmalus” aangenomen om degenen te straffen die gedurende ten minste 35 jaar niet minstens 156 werkdagen per jaar hebben opgebouwd.
Al deze maatregelen benadelen de werkers! Alleen de kapitalisten profiteren ervan!
Ongeacht de politieke kleur van de regeringspartijen, zowel rechts als links, is hetzelfde patronale en anti-arbeidersbeleid doorgevoerd. Laten we niet vergeten dat het in 2014 de regering-Di Rupo was, met medewerking van de SP.a, die de overheidsuitgaven bevroor, de pensioenen aanviel en duizenden werklozen naar de OCMW’s stuurde. We kunnen ons dus niet verdedigen door te stemmen op zogenaamd betere “linkse” ministers!
Er is geen andere keuze dan terug te slaan in de klassenstrijd die de kapitalisten tegen ons voeren. We moeten de grenzen van de strijd per bedrijf en per sector overstijgen door onze krachten te bundelen in een algemene strijd!
Maar het organiseren van een algemene beweging kan alleen door de werkers zelf gebeuren. De syndicale leidingen willen dit niet, omdat ze de controle over zo’n strijd zouden kunnen verliezen.
De arbeiders moeten dus alleen op hun eigen kracht rekenen. De arbeidersklasse is in staat zich tegen de kapitalistische klasse te verzetten. In de eerste plaats om haar levens- en arbeidsomstandigheden te verdedigen, maar ook om zo ver te gaan dat ze de macht grijpt en een toekomst opbouwt die vrij is van uitbuiting, oorlogen en alle vormen van overheersing. Dat wil zeggen: een communistische samenleving.
