Volgens de politie waren we op 12 mei met 40.000 demonstranten in de straten van Brussel, volgens de vakbonden waren het er 75.000.
Dat is minder dan bij de vorige betogingen, die gemiddeld 100.000 demonstranten op de been brachten. De bazen en de regering waren daar blij mee en hoopten dat dit een afname van het verzet tegen hun beleid betekende.
We moeten echter op onze hoede zijn voor een dergelijke interpretatie. Als we deze keer met minder mensen waren, ligt de verantwoordelijkheid daarvoor deels bij de syndicale leiding! Volgens de patronale krant L’Echo hebben de leiders van de belangrijkste vakbonden bewust gekozen voor de datum 12 mei, “twee dagen na het einde van de voorjaarsvakantie van de Franstaligen, wat de kans op mobilisatie sterk zou verzwakken”. ” Het patronale blad is tevreden dat de syndicale leidingen opnieuw geen echte krachtmeting met de bazen en de regering willen aangaan!
Hoe dan ook, sindsdien heeft de mobilisatie in het Franstalig onderwijs al het tegendeel bewezen van wat degenen die hopen dat het aantal demonstranten tegen het regeringsbeleid zal afnemen, hadden verwacht. Maar zoals de recente stemming over de programmatische wet aantoont, bieden afzonderlijke demonstraties zonder echt vervolg, net als stakingen per bedrijf en per sector, onvoldoende bescherming. Om dat te bereiken zijn veel diepgaandere mobilisaties nodig die de werkers van zoveel mogelijk bedrijven en sectoren verenigen!
