Oekraïne: hun oorlog, onze doden

image_pdfimage_print

De Oekraïense bevolking werd vrijdagochtend wakker door bommen en gevechten. Onze solidariteit gaat in de eerste plaats uit naar die vrouwen en mannen van wie het leven van de ene dag op de andere verbrijzeld wordt door een oorlog waar zij geen vat op hebben. In een paar dagen tijd zijn honderdduizenden uit Oekraïne naar Polen of Roemenië vertrokken, alles achterlatend om beschutting te zoeken, terwijl miljoenen anderen achterblijven in een poging zich tegen de bombardementen te beschermen. In twee dagen tijd heeft het conflict al honderden doden en gewonden onder de burgerbevolking geëist.

Niemand wil in die situatie verkeren. Niemand zou ooit in deze situatie willen verkeren. En toch is het de realiteit voor miljoenen mensen over de hele wereld, in Oekraïne vandaag, in Afghanistan, Irak, Syrië, Jemen gisteren. Oorlogen zijn verre van het resultaat van de waanzin van een leider, Poetin of een andere, maar zijn het onvermijdelijke gevolg van een kapitalistisch systeem in crisis, dat voortdurend op zoek is naar nieuwe markten of nieuwe grondstoffen of arbeiders om uit te buiten om zijn winsten te handhaven. En als het deze keer Poetin was die de oorlog begon om de opmars van de NAVO tegen te gaan, dan zijn de Westerse leiders die nu met beschuldigende verklaringen wedijveren, dezelfde die gisteren Afghanistan, Irak, Mali of Libië zijn binnengevallen waar ze dood en chaos hebben gezaaid.

Heel hypocriet zijn ze, de Belgische Kamerleden die onder applaus van hun collega’s het woord namen om het ingrijpen van Poetin aan de kaak te stellen en het hadden over « een aanval op de vrijheid », « een offensief tegen onze democratische modellen », « een aanval tegen ons allemaal ». Maar wie is het « wij » waarin zij zichzelf plaatsen? Want zij staan zeker niet aan dezelfde kant als de Kazachse demonstranten en stakers die een paar weken geleden zijn afgeslacht in een meedogenloze repressie die is uitgevoerd met de hulp van datzelfde leger van Poetin. Toen het erom ging de belangen van Total en andere multinationals die in de regio aanwezig zijn, te verdedigen, hadden zij niets te klagen. Ze staan zeker niet aan de kant van de Jemenieten die sinds 2014 worden afgeslacht, onder meer door wapens die in België zijn gemaakt. In werkelijkheid is de kant van al deze politici die van het kapitalisme en de bazen, die bereid zijn elk geweld te gebruiken om hun overheersing te handhaven.

Nee, tegenover de misdadige invasie door het Russische leger kunnen de Oekraïners van de Westerse leiders niets anders verwachten dan een spiraal van geweld die altijd op het volk zal neerkomen. Het militaire materieel dat door België en andere Europese landen wordt gestuurd, zal de broederoorlog tussen de arbeiders van Rusland en Oekraïne alleen maar aanwakkeren en de families ertoe aanzetten elkaar uit te moorden voor de belangen van de Russische oligarchen en de Westerse kapitalisten. De sancties die de Europese landen willen instellen om « de economische groei in Rusland te onderdrukken, de kostprijs om te lenen op te drijven, de inflatie te doen stijgen, de kapitaalvlucht te intensiveren en de industriële basis van het land te eroderen », zoals de voorzitster van de Europese Commissie trots verklaart, zullen in de eerste plaats de werkers in Rusland treffen. Arbeiders die tussen twee vuren zullen zitten: de imperialisten aan de ene kant, de dictatuur van de Russische bureaucraten aan de andere.

Het rottende kapitalistische systeem, gebaseerd op de uitbuiting van arbeiders en de plundering van de rijkdommen van de wereld, ligt aan de basis van alle oorlogen. Hoe dieper het in een crisis wegzinkt, hoe meer het andere oorlogen zal blijven uitlokken, die steeds destructiever en gewelddadiger zullen zijn. Om ons tegen oorlog te verzetten, moeten we tegen het kapitalisme strijden. 

Wij hoeven niet toe te geven aan hun chantage en te kiezen tussen de pest en de cholera, tussen het Rusland van Poetin en de NAVO. Wie er ook wint, het zijn de arbeiders van het hele continent die de gevolgen zullen ondervinden. De enige hoop ligt bij de arbeiders zelf, Russen, Oekraïners, Belgen, Amerikanen, enz., die niet anders kunnen dan in opstand komen door verarming en oorlog. En Poetin is de eerste die zich daarvan bewust is, hij die zo bang is voor de reactie van zijn volk dat hij de sociale netwerken muilkorft en al meer dan 1700 betogers die tegen de oorlog zijn, heeft opgesloten.

Om een einde te maken aan dit barbaarse systeem en de oorlogen die het voortbrengt, hebben de arbeiders bewuste organisaties nodig die in staat zijn de arbeiders te helpen om hun toekomstige opstanden om te zetten in een echte revolutie en om broedermoordelijke militaire conflicten te voorkomen door te zeggen: « Arbeiders aller landen, verenigt u!”