De regering onderhandelt al enkele maanden met het Franse bedrijf Engie over de overname van de kerncentrales van Doel en Tihange. Sommige reactoren waren al stilgelegd, andere kregen een verlenging van tien jaar, en de sluiting ervan stond gepland voor 2035.
Geldkoe voor de aandeelhouders
Engie maakt al jaren miljardenwinsten door de kerncentrales te exploiteren die in de jaren zestig met overheidsgeld zijn gebouwd. De aandeelhouders van het bedrijf hebben al geprofiteerd van de hoge energieprijzen en miljarden aan overheidssubsidies, of het nu gaat om het verlengen van de levensduur of het ontmantelen van de reactoren.
Vandaag de dag investeert het bedrijf liever elders, met name in gas, dan dat het zijn kapitaal in kernenergie aanhoudt, ook al kan de Staat een groot deel van de benodigde bedragen voor het opnieuw opstarten of verlengen van de reactoren voor zijn rekening nemen.
Maar aangezien de grote metaal- en chemiebedrijven in België goedkope energie eisen, en het einde van kernenergie een verdere stijging van de energieprijzen zou betekenen, schiet de Staat de kapitalisten te hulp. De adviesbureaus die zich hiermee bezighouden, maken bekend dat een dergelijke overname minstens 3 tot 4 miljard euro zou kosten, in werkelijkheid waarschijnlijk veel meer. De nationalisatie van de centrales is verre van een beleid “voor de werkers”, maar is een andere manier voor de Staat om de kapitalisten te subsidiëren door de grote investeringen op zich te nemen en de winstgevende activiteiten aan de kapitalisten over te laten.
Economisch nationalisme
De Wever heeft verklaard dat er geen toezeggingen zijn gedaan en dat het om een tijdelijke overname zou gaan, om “de controle over onze kerncentrales terug te krijgen na decennia onder Franse vleugels”, terwijl hij tegelijkertijd bevestigde dat we op termijn “eventueel samenwerkingen met andere partners kunnen overwegen”, met andere woorden: nadat we miljarden hebben uitgegeven om de kernenergie nieuw leven in te blazen, zullen we andere kapitalisten, bij voorkeur Belgische, winsten laten maken ten koste van de bevolking.
Of we nu worden uitgebuit en afgeperst door Belgische of Franse kapitalisten, wat maakt dat uit? Overigens is bij Engie één van de grote historische aandeelhouders van de groep Albert Frère, een door en door Belgische kapitalist wiens kinderen vandaag de dag nog steeds tot de rijksten van België behoren. Dit economisch nationalisme, deze oproep tot nationale soevereiniteit, is slechts een sprookje dat bedoeld is om ons te betrekken bij hun patriottische retoriek en om het overgieten van de kapitalisten met miljarden te rechtvaardigen. Maar deze kapitalisten hebben maar één vaderland: hun portefeuilles!
